Verblijf met een minimum aan luxe - Werkbezoek Malawi 2020, deel 2

De laatste twee weken van het werkbezoek verbleef ik in de dorpen zelf, in een

opslagplaats zonder elektriciteit en stromend water. Enkel vier muren en een bed

om in te slapen…voor ons is dit zeer ‘basic’, maar voor de meeste mensen daar is mijn slaapplek in vergelijking met dat van hen een ‘luxeverblijf’.

Eigenlijk ben ik nooit alleen: Overdag is er een bewaker en ‘s nachts zelfs twee.

Soms begrijp ikzelf niet waarvoor dit allemaal nodig is… maar zij zeggen dat het

nodig is om de veiligheid te garanderen. Immers, na het vallen van de nacht, rond

18 u, wordt het stil… je hoort dan nog enkel het geluid van de krekels, de regen

die blijft kletteren op de metalen dakplaten en het zwiepen van de takken van de

bomen. En dan nog een aantal geluiden die niet thuis te brengen zijn en waarbij ik mijn fantasie niet te veel mag loslaten. Ook de Malawezen zelf zijn bang in het donker en zeker op die plaatsen waar er enkel mais en begroeiing staat zonder hutjes… dan loert het gevaar van de armoede extra. ‘s Nachts moeten alle kippen en geiten mee binnen in de hut. Gebeurt dit niet dan zijn die ‘s anderendaags definitief weg… opgegeten of verkocht. Daarom dus dat er twee bewakers ter preventie van diefstal en voor hun eigen veiligheid bij mij zijn.


Overdag hangen er altijd kinderen rond in mijn buurt die komen vragen om een Mpira… een bal. Ik had een paar ballen meegenomen uit België en kon hen

daarmee een groot plezier doen. Een simpele ‘bal’ brengt hier zoveel vreugde en hilariteit teweeg, bij jong en oud.

Zo’n verblijf waar je alleen het basis comfort hebt, zorgt ervoor dat je dichter bij jezelf kan komen… mijn powerbank (met zonnepaneeltje) kon niet laden omdat de zon wegbleef en dan ben je volledig afgesloten van de buitenwereld… wat bevreemdend.